fbpx
Verkorte opleiding tot bedrijfsjurist weer van start per September

Verkorte opleiding tot bedrijfsjurist weer van start per September

In samenwerking met Euroforum organiseert Liance in September een 6 daagse cursus waarin u van bedrijfsjurist naar ook business partner gaat.

Uw rol als bedrijfsjurist is in de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. Waar de bedrijfsjurist voorheen met name praktisch juridisch advies gaf, is de huidige bedrijfsjurist meer een businesspartner: iemand met een ondernemende instelling en commercieel inzicht. Van de hedendaagse bedrijfsjurist wordt verwacht dat deze een steeds grotere en proactieve bijdrage levert in de naleving van wet- en regelgeving en het voorkomen van juridische problemen.

Deze 6-daagse opleiding voor de bedrijfsjurist geeft u niet alleen de benodigde (praktische) kennis, ook ontwikkelt u uw advies- en onderhandelingsvaardigheden. Kortom, de bedrijfsjurist die tevens business partner wilt zijn.

  • U vergroot uw kennis van de belangrijkste bedrijfsjuridische processen
  • U ontwikkelt uw advies- en onderhandelingsvaardigheden
  • De opleiding is praktijkgericht en interactief, inclusief NEVOA punten, ervaren docenten
  • De opleiding is specifiek ontwikkeld voor de bedrijfsjurist met ervaring: hoog niveau
  • En de opleiding is didactiek gericht op zoveel mogelijk praktijksituaties

Deze opleiding geeft ruim aandacht aan de belangrijkste bedrijfsprocessen: verkoop, inkoop en corporate. Daarnaast gaan we in op de verschillende aspecten van risicobeheer, aansprakelijkheid, arbeids-, privacy- en IT-recht. Tot slot leert u deze kennis om te zetten naar een overtuigend en effectief advies. Inclusief digitale toets voor een nog beter leerrendement!

  • Corporate legal, ondernemingsrecht en governance
  • Arbeidsrecht, het nieuwe ontslagrecht en bedrijfscultuur
  • Verkoop- en inkoopproces, contractenrecht en aanbesteding
  • Legal riskmanagement, aansprakelijkheid en mededingingsrecht
  • Privacyrecht en intellectueel eigendomsrechten

U inschrijven kan via inschrijving2@euroforum.nl

Zelden zoveel namaak artikelen tegelijk gezien op 1 markt als op St. Maarten

Zelden zoveel namaak artikelen tegelijk gezien op 1 markt als op St. Maarten

Zelden zijn bij een actie tegen namaakartikelen zulke grote hoeveelheden vervalsingen tegelijk aangetroffen dan als bij de actie afgelopen zaterdag op de toeristische markt in het centrum van Phillipsburg, de hoofdstad van het Nederlandse gedeelte van Sint Maarten.

“Louis Vutton liet aan de hand van de eerste berichten en foto’s weten dat zij zelden zulke grote hoeveelheden vervalste items zien op markten. Ook zien ze zelden dat de grote reistassen zo publiekelijk en open worden aangeboden.” aldus onze collega Wiek Herben, advocaat bij Liance Legal, die de actie leidde in opdracht van Disosa Brand Protection services

Meer over deze actie kunt u lezen via dit artikel op www.koninkrijksrelaties.nu 

www.koninkrijksrelaties.nu/2019/06/17/zelden-zo-veel-namaakartikelen-tegelijk-op-een-markt-gezien-op-als-sint-maarten/

Press Release: Liance opens new office in Curacao

Liance is delighted to announce that it has opened a new office in Curacao as of March 2018.

The new branche office will be led by Liance partner Robin Kooy and new Liance partner Wiek Herben, who will continue his already existing legal practice under the Liance label.

Robin Kooy commented: “with European companies being more and more active in both the Caribbean and South America, setting up an office in Curacao seemed like a logical choice as Curacao acts as a hub for companies operating in both regions due to its stable economy and legal system. With the new office, we can better meet the needs of our clients which are active in these markets”

Wiek Herben, based in Curacao as a company lawyer and attorney at law since 2010, adds: “the services that Liance provides in respect to legal management consultancy and legal IT solutions are unique for the region and will greatly increase our capability and capacity to service our existing clients and new clients. ”

Liance was established by a group of legal professionals with the ambition to combine (strategic) legal services with legal management consultancy. In the upcoming years Liance strives to grow both nationally and internationally by expanding its network and engaging in partnerships with other business-minded service providers such as  international (tax) law firms, IT companies and financial advisors. This will enable Liance to not only service its clients better, but to further advance its goal as well: to turn legal affairs into strategic value

——-

For more information about Liance visit our website www.liance.legal or contact us at +5999 844 0062

Elektronische uitwisseling patiëntgegevens blijft geoorloofd

English version below (The exchange of electronic health records remains lawful)

De beoordeling van datastromen verschilt van geval tot geval. Een van de eerste Hoge Raadsuitspraken gaat over de uitwisseling van patientgegevens. Deze uitspraak geeft inzicht in de toetsingswijze van ons hoogste rechtscolleges.

De zorginfrastructuur is een systeem waarmee een huisarts inzage kan krijgen in bepaalde gegevens van een patiënt die de huisarts over die patiënt heeft vastgelegd. Andere zorgverleners kunnen mogelijk deze gegevens over intoleranties, contra-indicaties en allergieën in het huisartsendossier van de patiënt inzien. De klacht van de Vereniging van praktijkhoudende huisartsen (VPH) is dat het systeem in strijd is met de Wbp. Met name wijst de VPH op het argument dat door de verwerking het beroepsgeheim van medici kan worden geschonden doordat de arts niet weet welke derden inzage krijgen in de arts-patiëntgegevens; ook voert de vereniging aan dat de eenmalige toestemming patiënt een te zwakke basis is voor de verwerkingen die daarna kunnen plaatsvinden.
De Hoge Raad overweegt dat de toestemming van de patiënt de doorbreking van het beroepsgeheim rechtvaardigt. Er wordt voldoende informatie gegeven over de vraag welke gegevens in welke situatie voor welke zorgverlener toegankelijk zijn. Het feit dat de patiënt erop zal – en door de huisarts zelf kan – worden gewezen dat de patiënt  gegevens kan afschermen speelt een belangrijke rol in deze zaak. Ook het feit dat de zogenaamde ‘professionele samenvatting’ van de huisarts alleen ter inzage zal zijn voor vervangende huisartsen (en niet voor andere zorgverleners) woog mee in het oordeel.
HR 1 december 2017 ECLI:NL:HR:2017:3053.

The electronic health record infrastructure is a system which provides the general practitioner (GP) insights into its own documented information of a patient. Other healthcare providers may sometimes have access to these registered data in the GP’s file when it comes to intolerances, contraindications and allergies.

A complaint of the Dutch association of private practicing GPs (VPH) is that the system violates the Dutch data protection act (Wbp). The main argument is that processing health records may lead to a violation of the physician-patient’s privilege, as GPs do not know which third parties will have access to such privileged physician-patient records. A second argument is that the patient’s one-time consent is not a sufficient legal basis for further processing of health records by further healthcare providers.

The Dutch Supreme Court considers that the patient’s consent justifies breaching the physician-patient’s privilege. That consent is based on sufficient information provided to the patient regarding what data is accessible to which healthcare provider in which situation. The fact that the patient will be informed – which can also be done by the general practitioner itself – that the patient can shield off its own medical information, played an important role in the supreme court’s ruling. Also part of the supreme courts consideration was that the so-called general practitioners’ ‘professional summary’ is only accessible for substitute general practitioners (and not for other healthcare providers).

Waarom zou je overstappen op een One-Tier Bestuur?

Sinds het voor Nederlandse BV’s mogelijk werd om een monistisch bestuursmodel te hanteren (2103) hebben 385 BV’s en 58 NV’s gekozen voor dit bestuursmodel. In zo’n bestuursmodel bestaat het management (bestuur) van de BV uit zowel uitvoerende als toezichthoudende bestuurders. Waarom kiezen bedrijven voor een monistisch bestuur en hoe werkt het model in de praktijk?

Een one-tier board (oftewel monistisch bestuurssysteem) is een optie als een aandeelhouder of het management van een BV een interne adviserende en toezichthoudende functie wil inrichten naast het bestuursorgaan. Voor 2013 kon een bedrijf hiervoor alleen een raad van commissarissen instellen; dan wordt een apart orgaan ingericht in het bedrijf, naast het bestuur. Dat kan nog steeds. Nu is het dus ook mogelijk om binnen het bestuursorgaan naast de ‘gewone’ bestuurders toezichthoudende bestuurders te benoemen.

Er blijkt behoefte aan de nieuwe toezichtsvorm te bestaan, omdat sinds de invoering (in 2013) 385 BV’s en 58 NV’s hebben gekozen voor het nieuwe bestuursmodel. Dat is meer dan verwacht.

Het idee achter het nieuwe bestuursmodel is dat de toezichthoudende bestuurders ( de wet noemt hen: niet-uitvoerende bestuurders) meer betrokken zijn bij het beleid, ook bij het dagelijkse beleid van het bedrijf. Omdat beide ‘soorten’ bestuurders in hetzelfde orgaan zitten krijgen ze evenveel informatie als de uitvoerende bestuurders en zijn zij aanwezig bij elke bestuursvergadering. Besluiten over nieuwe investeringen en over commerciële kansen worden sneller genomen, omdat er maar een orgaan is dat erover beslist.

Voor familievennootschappen, bijvoorbeeld de oprichter die een stapje terug wil doen, blijkt een reden te zijn om voor een one-tier systeem te kiezen dat een rol als commissaris te afstandelijk is. Het als niet-uitvoerend bestuurder bijwonen van de bestuursvergaderingen kan beter passen.

Voor concerns is een belangrijke reden om te kiezen voor een monistisch systeem dat alle vennootschappen op eenzelfde manier kunnen worden aangestuurd: er hoeft dus niet voor alleen de Nederlandse vennootschappen in een internationale groep een raad van commissarissen te worden ingesteld.

BV’s worden vrijgelaten om te bepalen hoeveel uitvoerende en hoeveel niet-uitvoerende bestuurders een BV kiest. Uit onderzoek blijkt dat er bij de monistische bestuursmodellen meer niet-uitvoerende bestuurders (vaak 2) zijn dan uitvoerende (vaak 1). Maar als een BV al twee uitvoerende bestuurders heeft betekent het niet dat er minimaal drie toezichthoudende bestuurders moeten zijn. Dat zou ook wel onhandig en duur worden. Met behulp van bijvoorbeeld verzwaard-stemrechtbepalingen kan in de statuten van de BV worden bepaald dat twee niet uitvoerende bestuurders samen de twee bestuurders kunnen overstemmen, of een doorslaggevende stem kunnen hebben.

Als de niet-uitvoerende bestuurder zo dicht op het bestuur zit, is zijn aansprakelijkheidsrisico dan niet groter dan wanneer deze commissaris is? Het is wel nodig dat in de statuten duidelijk wordt omschreven wat ieders taak is, daarmee kan dat risico worden beperkt.

Pin It on Pinterest

'We use Cookies to enhance your experience on our website. By continuing your navigation, you accept the placement and use of Cookies. To learn more about Cookies or opt-out from these services please see our privacy policy. More information

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close