fbpx

Waarom zou je overstappen op een One-Tier Bestuur?

Sinds het voor Nederlandse BV’s mogelijk werd om een monistisch bestuursmodel te hanteren (2103) hebben 385 BV’s en 58 NV’s gekozen voor dit bestuursmodel. In zo’n bestuursmodel bestaat het management (bestuur) van de BV uit zowel uitvoerende als toezichthoudende bestuurders. Waarom kiezen bedrijven voor een monistisch bestuur en hoe werkt het model in de praktijk?

Een one-tier board (oftewel monistisch bestuurssysteem) is een optie als een aandeelhouder of het management van een BV een interne adviserende en toezichthoudende functie wil inrichten naast het bestuursorgaan. Voor 2013 kon een bedrijf hiervoor alleen een raad van commissarissen instellen; dan wordt een apart orgaan ingericht in het bedrijf, naast het bestuur. Dat kan nog steeds. Nu is het dus ook mogelijk om binnen het bestuursorgaan naast de ‘gewone’ bestuurders toezichthoudende bestuurders te benoemen.

Er blijkt behoefte aan de nieuwe toezichtsvorm te bestaan, omdat sinds de invoering (in 2013) 385 BV’s en 58 NV’s hebben gekozen voor het nieuwe bestuursmodel. Dat is meer dan verwacht.

Het idee achter het nieuwe bestuursmodel is dat de toezichthoudende bestuurders ( de wet noemt hen: niet-uitvoerende bestuurders) meer betrokken zijn bij het beleid, ook bij het dagelijkse beleid van het bedrijf. Omdat beide ‘soorten’ bestuurders in hetzelfde orgaan zitten krijgen ze evenveel informatie als de uitvoerende bestuurders en zijn zij aanwezig bij elke bestuursvergadering. Besluiten over nieuwe investeringen en over commerciële kansen worden sneller genomen, omdat er maar een orgaan is dat erover beslist.

Voor familievennootschappen, bijvoorbeeld de oprichter die een stapje terug wil doen, blijkt een reden te zijn om voor een one-tier systeem te kiezen dat een rol als commissaris te afstandelijk is. Het als niet-uitvoerend bestuurder bijwonen van de bestuursvergaderingen kan beter passen.

Voor concerns is een belangrijke reden om te kiezen voor een monistisch systeem dat alle vennootschappen op eenzelfde manier kunnen worden aangestuurd: er hoeft dus niet voor alleen de Nederlandse vennootschappen in een internationale groep een raad van commissarissen te worden ingesteld.

BV’s worden vrijgelaten om te bepalen hoeveel uitvoerende en hoeveel niet-uitvoerende bestuurders een BV kiest. Uit onderzoek blijkt dat er bij de monistische bestuursmodellen meer niet-uitvoerende bestuurders (vaak 2) zijn dan uitvoerende (vaak 1). Maar als een BV al twee uitvoerende bestuurders heeft betekent het niet dat er minimaal drie toezichthoudende bestuurders moeten zijn. Dat zou ook wel onhandig en duur worden. Met behulp van bijvoorbeeld verzwaard-stemrechtbepalingen kan in de statuten van de BV worden bepaald dat twee niet uitvoerende bestuurders samen de twee bestuurders kunnen overstemmen, of een doorslaggevende stem kunnen hebben.

Als de niet-uitvoerende bestuurder zo dicht op het bestuur zit, is zijn aansprakelijkheidsrisico dan niet groter dan wanneer deze commissaris is? Het is wel nodig dat in de statuten duidelijk wordt omschreven wat ieders taak is, daarmee kan dat risico worden beperkt.

Zorgbrede Governancecode 2017: minder concrete normen, meer richtinggevende principes

In de zorgsector is in de afgelopen tijd ook een nieuwe code tot stand gekomen. De tekst ervan is in november 2016 door de leden van de ondersteunende brancheorganisaties (Actiz, GGZ Nederland, NFU, NVZ en VGN, samen in BOZ)) goedgekeurd (zie www.governancecodezorg.nl). De Code is per 1 januari 2017 van kracht.

De zorgbrede Governancecode is een duidelijke breuk met de vorige code. In de eerste plaats vanwege de zeven principes die het uitgangspunt ervan vormen. De eerste twee vormen de sturende principes, de andere vijf ondersteunen deze sturende principes:

  • De zorgorganisaties moeten goede zorg bieden aan cliënten.
  • De raad van bestuur en raad van toezicht hanteren passende normen en waarden.
  • De zorgorganisatie schept randvoorwaarden en waarborgen voor een adequate invloed van belanghebbenden
  • De raad van bestuur en raad van toezicht zijn ieder vanuit hun eigen rol verantwoordelijk voor de governance van de organisatie
  • De raad van bestuur bestuurt de zorgorganisatie gericht op haar eigen doelstelling
  • De raad van toezicht houdt toezicht vanuit de maatschappelijke doelstelling van de zorgorganisatie
  • De raad van bestuur en de raad van toezicht ontwikkelen permanent hun professionaliteit en deskundigheid

In de tweede plaats omdat het principe van Pas toe of Leg uit is verlaten. Soms moet toepassing namelijk worden uitgelegd, in andere gevallen kan niet worden afgeweken en moet de code dus worden toegepast. De nieuwe code betekent dat besturen van zorgorganisaties de waarden en normen van hun zorgorganisatie moeten (gaan) bepalen die passen bij haar eigen (maatschappelijke) positie en doelstellingen. De waarden moeten zichtbaar worden in cultuur en gedrag binnen de organisatie. Het is de bedoeling dat aldus meer de dialoog binnen de organisatie wordt aangegaan en dat het bestuur en de organisatie elkaar positief beïnvloeden. Dit vergt een open cultuur van aanspreekbaarheid.

De raad van toezicht ziet erop toe dat het bestuur deze taken oppakt en volbrengt.

Het gaat om de continue dialoog met cliënten, verwanten, medewerkers en vrijwilligers. Inspraak èn tegenspraak moeten georganiseerd en gebruikt worden.

De code is bewust op een andere manier ingestoken dan de vorige, omdat de oude code afvinkgedrag in de hand werkte. De nieuwe code is minder concreet waar het gaat om de precieze normen; de nieuwe code kijkt bewust meer naar de effecten en de effectiviteit van het handelen van het bestuur en de andere organisatieleden.

Om meer voeling te krijgen voor wat er speelt in de organisatie wordt in de toelichting op de code voorgeschreven dat een onafhankelijke vertrouwenspersoon wordt aangesteld met wie afwijkend gedrag, zorgen omtrent integriteit en misstanden kunnen worden besproken. Ook moet er een klokkenluidersregeling worden ingericht. Geschillen over de toepassing van de code kunnen vanaf 1 januari 2017 worden voorgelegd aan de nieuw ingestelde Governancecommissie Gezondheidszorg.

Meer weten over de nieuwe Zorgbrede Code: onze partners Jelle Terpstra, Lisette Hendrikse en Bernadette van Leeuwen kunnen u verder helpen.

Nieuwe consultatie, nu over one-tier boards

De Monitoring Commissie Corporate Governance heeft aangekondigd in april een ander consultatiedocument voor te leggen aan geïnteresseerden. Het gaat daarbij om de herziening van de code voor zover deze ziet op one-tier boards; het consultatiedocument waarvan de reactie-termijn onlangs afliep was met name toegespitst op ondernemingen met two-tier boards. Op 20 april was het consultatiedocument echter nog niet gepubliceerd.

Turning legal affairs into strategic value

 

Get in touch   E-mail: info@liance.legal       Phone: +31 85 024 00 00   Contact         
About Liance   Team      Services    Liance Academy    Network      Cases    News 

© 2018 Liance Legal      Liance Terms and Conditions      Privacy & Cookie policy       Disclaimer       Design & Development Ontwerpteam.nl

Concept vernieuwde corporate governance code: reacties

Concept vernieuwde corporate governance code: reacties

De termijn waarbinnen geïnteresseerden konden reageren op de concept Corporate Governance Code is begin april afgelopen. De reacties worden pas gepubliceerd door de Commissie op het moment dat de nieuwe code wordt gepubliceerd. Sommige instanties die reageerden hebben hun reacties op hun eigen website geplaatst. Ik zocht enkele reacties op.

De AFM heeft haar reactie op haar website geplaatst. De AFM onderschrijft het streven van de Commissie naar duurzaamheid en bepleit dat alle beursgenoteerde vennootschappen een afdeling internal audit hebben. Ook benadrukt AFM in haar reactie het belang van het opnemen niet-financiële informatie in het bestuursverslag. Daarin moet de onderneming uitleggen hoe ze de belangen van alle stakeholders heeft afgewogen. De VEB stelt in haar zeer kritische reactie op de concept-Code dat de commissarissen actiever moeten worden in het vergaren van informatie en dat dit in de code moet worden vastgelegd.

De Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht van de Nederlandse Orde van Advocaten en de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie samenstelt in haar reactie het fundamentele punt aan de orde van de verhouding van de Code tot de wet. Deze commissie is van oordeel dat de Code niet als een juridisch document moet worden beschouwd, maar een basis moet bieden voor een dialoog binnen de onderneming (www.advocatenorde.nl, www.knb.nl).

Pin It on Pinterest

'We use Cookies to enhance your experience on our website. By continuing your navigation, you accept the placement and use of Cookies. To learn more about Cookies or opt-out from these services please see our privacy policy. More information

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close